Soera 37 • 182 Verzen • Mekkaans

الصافات

As-Saffat

Those who set the Ranks

بِسْمِ اللَّهِ الرَّحْمَٰنِ الرَّحِيمِ

Vers 1 van 182

1

وَٱلصَّـٰٓفَّـٰتِ صَفًّا﴿1

Bij hen die in rijen staan (de Engelen).

Vertaling: Sofian S. Siregar

2

فَٱلزَّٰجِرَٰتِ زَجْرًا﴿2

Die de wolken voortdrijven.

Vertaling: Sofian S. Siregar

3

فَٱلتَّـٰلِيَـٰتِ ذِكْرًا﴿3

Die de Vermaning (de Koran) voordragen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

4

إِنَّ إِلَـٰهَكُمْ لَوَٰحِدٌ﴿4

Voorwaar, jullie God is zeker Eén.

Vertaling: Sofian S. Siregar

5

رَّبُّ ٱلسَّمَـٰوَٰتِ وَٱلْأَرْضِ وَمَا بَيْنَهُمَا وَرَبُّ ٱلْمَشَـٰرِقِ﴿5

De Heer van de hemelen en de aarde en wat er tussen is en de Heer van de plaatsen van zonsopgang.

Vertaling: Sofian S. Siregar

6

إِنَّا زَيَّنَّا ٱلسَّمَآءَ ٱلدُّنْيَا بِزِينَةٍ ٱلْكَوَاكِبِ﴿6

Voorwaar, Wij hebben de nabije hemel gesierd met een veniering: de sterren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

7

وَحِفْظًا مِّن كُلِّ شَيْطَـٰنٍ مَّارِدٍ﴿7

En als bescherming tegen alle opstandige Satans.

Vertaling: Sofian S. Siregar

8

لَّا يَسَّمَّعُونَ إِلَى ٱلْمَلَإِ ٱلْأَعْلَىٰ وَيُقْذَفُونَ مِن كُلِّ جَانِبٍ﴿8

Zij kunnen niet luisteren bij de hoogste groep (de Engelen). Er wordt naar hen geworpen vanuit alle kanten.

Vertaling: Sofian S. Siregar

9

دُحُورًا ۖ وَلَهُمْ عَذَابٌ وَاصِبٌ﴿9

Ter verjaging. En voor hen is er een ononderbroken bestraffing.

Vertaling: Sofian S. Siregar

10

إِلَّا مَنْ خَطِفَ ٱلْخَطْفَةَ فَأَتْبَعَهُۥ شِهَابٌ ثَاقِبٌ﴿10

Behalve wie afluisterend luistert: een gloeiende vlam achtervolgt hem.

Vertaling: Sofian S. Siregar

11

فَٱسْتَفْتِهِمْ أَهُمْ أَشَدُّ خَلْقًا أَم مَّنْ خَلَقْنَآ ۚ إِنَّا خَلَقْنَـٰهُم مِّن طِينٍ لَّازِبٍۭ﴿11

Vraag hen: "Zijn zij (de mensen) moeilijker om te scheppen of dat (hemel en aarde en wat er tussen is) wat wij hebben geschapen?" Voorwaar, Wij hebben hen van kleverige klei geschapen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

12

بَلْ عَجِبْتَ وَيَسْخَرُونَ﴿12

Jij verbaastje zelfs omdat zij (de door jou gebracht boodschap) bespotten.

Vertaling: Sofian S. Siregar

13

وَإِذَا ذُكِّرُوا۟ لَا يَذْكُرُونَ﴿13

En wanneer zij vermaand worden, dan nemen zij de Vemaning niet tot zich.

Vertaling: Sofian S. Siregar

14

وَإِذَا رَأَوْا۟ ءَايَةً يَسْتَسْخِرُونَ﴿14

En wanneer zij een Teken (een goddelijk wonder) zien, dan bespotten zij.

Vertaling: Sofian S. Siregar

15

وَقَالُوٓا۟ إِنْ هَـٰذَآ إِلَّا سِحْرٌ مُّبِينٌ﴿15

En zij zeggen: "Dit is niets dan duidelijke tovenarij."

Vertaling: Sofian S. Siregar

16

أَءِذَا مِتْنَا وَكُنَّا تُرَابًا وَعِظَـٰمًا أَءِنَّا لَمَبْعُوثُونَ﴿16

Als wij al dood zijn en tot aarde en beenderen zijn geworden; zullen wij dan zeker opgewekt worden?

Vertaling: Sofian S. Siregar

17

أَوَءَابَآؤُنَا ٱلْأَوَّلُونَ﴿17

En ook onze voorvaderen?"

Vertaling: Sofian S. Siregar

18

قُلْ نَعَمْ وَأَنتُمْ دَٰخِرُونَ﴿18

Zeg: "Ja, en jullie zullen vemederd zijn."

Vertaling: Sofian S. Siregar

19

فَإِنَّمَا هِىَ زَجْرَةٌ وَٰحِدَةٌ فَإِذَا هُمْ يَنظُرُونَ﴿19

Het is dan slechts één bliksemslag, waarna zij om zich heen kijken.

Vertaling: Sofian S. Siregar

20

وَقَالُوا۟ يَـٰوَيْلَنَا هَـٰذَا يَوْمُ ٱلدِّينِ﴿20

En zij zullen zeggen: "Wee ons, dit is de Dag des Oordeels."

Vertaling: Sofian S. Siregar

21

هَـٰذَا يَوْمُ ٱلْفَصْلِ ٱلَّذِى كُنتُم بِهِۦ تُكَذِّبُونَ﴿21

Dit is de Dag van de beslissing, die jullie plachten te loochenen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

22

۞ ٱحْشُرُوا۟ ٱلَّذِينَ ظَلَمُوا۟ وَأَزْوَٰجَهُمْ وَمَا كَانُوا۟ يَعْبُدُونَ﴿22

(Tot de Engelen wordt gezegd:) "Verzamelt degenen die onrecht pleegden en hun gelijken en wat zij plachten te aanbidden.

Vertaling: Sofian S. Siregar

23

مِن دُونِ ٱللَّهِ فَٱهْدُوهُمْ إِلَىٰ صِرَٰطِ ٱلْجَحِيمِ﴿23

Naast Allah. Leidt ben dan naar de weg naar Djahîm (de Hel).

Vertaling: Sofian S. Siregar

24

وَقِفُوهُمْ ۖ إِنَّهُم مَّسْـُٔولُونَ﴿24

En houdt hen vast: voorwaar, zij zullen ondervraagd worden."

Vertaling: Sofian S. Siregar

25

مَا لَكُمْ لَا تَنَاصَرُونَ﴿25

(Er zal aan hen gevraagd worden:) "Wat is er met jullie, waarom helpen jullie elkaar niet?"

Vertaling: Sofian S. Siregar

26

بَلْ هُمُ ٱلْيَوْمَ مُسْتَسْلِمُونَ﴿26

Op die Dag zullen zij zich zelfs overgeven.

Vertaling: Sofian S. Siregar

27

وَأَقْبَلَ بَعْضُهُمْ عَلَىٰ بَعْضٍ يَتَسَآءَلُونَ﴿27

En zij zullen zich tot elkaar wenden en elkaar ondervragen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

28

قَالُوٓا۟ إِنَّكُمْ كُنتُمْ تَأْتُونَنَا عَنِ ٱلْيَمِينِ﴿28

Zij (de volgelingen) zullen zeggen: "Voorwaar, jullie zijn van de rechterkant tot ons gekomen."

Vertaling: Sofian S. Siregar

29

قَالُوا۟ بَل لَّمْ تَكُونُوا۟ مُؤْمِنِينَ﴿29

Zij (de leiders) zullen antwoorden: "Jullie was waren zelfs geen gelovigen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

30

وَمَا كَانَ لَنَا عَلَيْكُم مِّن سُلْطَـٰنٍۭ ۖ بَلْ كُنتُمْ قَوْمًا طَـٰغِينَ﴿30

Ea wij hadden geen macht over jullie. Jullie waren zelfs een overtredend volk.

Vertaling: Sofian S. Siregar

31

فَحَقَّ عَلَيْنَا قَوْلُ رَبِّنَآ ۖ إِنَّا لَذَآئِقُونَ﴿31

Het Woord (van bestraffing) tot ons van Onze Heer zal daarom bewaarheid worden. Voorwaar, wij zullen het zeker proeven.

Vertaling: Sofian S. Siregar

32

فَأَغْوَيْنَـٰكُمْ إِنَّا كُنَّا غَـٰوِينَ﴿32

Wij misleidden jullie toen: voorwaar, wij waren misleiders."

Vertaling: Sofian S. Siregar

33

فَإِنَّهُمْ يَوْمَئِذٍ فِى ٱلْعَذَابِ مُشْتَرِكُونَ﴿33

Voorwaar, zij zullen dan op die Dag in de bestraffing bijelkaar zijn.

Vertaling: Sofian S. Siregar

34

إِنَّا كَذَٰلِكَ نَفْعَلُ بِٱلْمُجْرِمِينَ﴿34

Voorwaar, zo behandelen Wij de misdadigers.

Vertaling: Sofian S. Siregar

35

إِنَّهُمْ كَانُوٓا۟ إِذَا قِيلَ لَهُمْ لَآ إِلَـٰهَ إِلَّا ٱللَّهُ يَسْتَكْبِرُونَ﴿35

Voorwaar, toen er tot hen gezegd werd: "Er is geen god dan Allah," toen waren zij hoogmoedig.

Vertaling: Sofian S. Siregar

36

وَيَقُولُونَ أَئِنَّا لَتَارِكُوٓا۟ ءَالِهَتِنَا لِشَاعِرٍ مَّجْنُونٍۭ﴿36

En zij zeggen: "Zullen wij dan onze goden achterlaten vanwege een bezeten dichter?"

Vertaling: Sofian S. Siregar

37

بَلْ جَآءَ بِٱلْحَقِّ وَصَدَّقَ ٱلْمُرْسَلِينَ﴿37

Nee! Hij (Moehammad) is met de Waarheid gekomen en hij heeft de Gezondenen (de Profeten vóór hem) bevestigd.

Vertaling: Sofian S. Siregar

38

إِنَّكُمْ لَذَآئِقُوا۟ ٱلْعَذَابِ ٱلْأَلِيمِ﴿38

Voorwaar, jullie proeven zeker de pijnlijke bestraffing.

Vertaling: Sofian S. Siregar

39

وَمَا تُجْزَوْنَ إِلَّا مَا كُنتُمْ تَعْمَلُونَ﴿39

En jullie worden slechts vergolden voor wat jullie hebben gedaan.

Vertaling: Sofian S. Siregar

40

إِلَّا عِبَادَ ٱللَّهِ ٱلْمُخْلَصِينَ﴿40

Behalve de dienaren van Allah die zuiver in hun aanbidding zijn.

Vertaling: Sofian S. Siregar

41

أُو۟لَـٰٓئِكَ لَهُمْ رِزْقٌ مَّعْلُومٌ﴿41

Zij zijn degenen voor wie er een bekende voorziening is (het Paradijs).

Vertaling: Sofian S. Siregar

42

فَوَٰكِهُ ۖ وَهُم مُّكْرَمُونَ﴿42

Vruchten. En zij zijn de geëerden.

Vertaling: Sofian S. Siregar

43

فِى جَنَّـٰتِ ٱلنَّعِيمِ﴿43

In Tuinen van Gelukzaligheid (het Paradijs).

Vertaling: Sofian S. Siregar

44

عَلَىٰ سُرُرٍ مُّتَقَـٰبِلِينَ﴿44

Op rustbanken tegenover elkaar.

Vertaling: Sofian S. Siregar

45

يُطَافُ عَلَيْهِم بِكَأْسٍ مِّن مَّعِينٍۭ﴿45

Onder hen wordt rondgegaan met een beker met Ma'in (van de bron van het Paradij).

Vertaling: Sofian S. Siregar

46

بَيْضَآءَ لَذَّةٍ لِّلشَّـٰرِبِينَ﴿46

Helder wit, smakelijk voor de drinkers.

Vertaling: Sofian S. Siregar

47

لَا فِيهَا غَوْلٌ وَلَا هُمْ عَنْهَا يُنزَفُونَ﴿47

Deze (drank) kent geen beneveling en zij worden er niet dronken van.

Vertaling: Sofian S. Siregar

48

وَعِندَهُمْ قَـٰصِرَٰتُ ٱلطَّرْفِ عِينٌ﴿48

En bij hen zijn schonen met ingetogen blikken, met mooie ogen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

49

كَأَنَّهُنَّ بَيْضٌ مَّكْنُونٌ﴿49

Als waren zij welbewaarde eieren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

50

فَأَقْبَلَ بَعْضُهُمْ عَلَىٰ بَعْضٍ يَتَسَآءَلُونَ﴿50

Zij wenden zich dan tot elkaar en stellen elkaar vragen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

51

قَالَ قَآئِلٌ مِّنْهُمْ إِنِّى كَانَ لِى قَرِينٌ﴿51

Een spreker onder hen zal zeggen: "Voorwaar, ik had een vriend.

Vertaling: Sofian S. Siregar

52

يَقُولُ أَءِنَّكَ لَمِنَ ٱلْمُصَدِّقِينَ﴿52

Hij zei (vroeger tegen mij): "Voorwaar, behoor jij tot hen die (de Opstanding) bevestigen?

Vertaling: Sofian S. Siregar

53

أَءِذَا مِتْنَا وَكُنَّا تُرَابًا وَعِظَـٰمًا أَءِنَّا لَمَدِينُونَ﴿53

Als wij dan al dood zijn, en tot aarde en beenderen zijn geworden, zullen wij dan zeker worden beoordeld?"'

Vertaling: Sofian S. Siregar

54

قَالَ هَلْ أَنتُم مُّطَّلِعُونَ﴿54

Hij zei (tegen de anderen in hct Paradijs): "Hebben jullie (dit) gezien?"

Vertaling: Sofian S. Siregar

55

فَٱطَّلَعَ فَرَءَاهُ فِى سَوَآءِ ٱلْجَحِيمِ﴿55

Toen keek hij en zag hem in het midden van Djahîm (de Hel).

Vertaling: Sofian S. Siregar

56

قَالَ تَٱللَّهِ إِن كِدتَّ لَتُرْدِينِ﴿56

Hij zei: "Bij Allah, jij hebt mij bijna in het ongeluk gestort.

Vertaling: Sofian S. Siregar

57

وَلَوْلَا نِعْمَةُ رَبِّى لَكُنتُ مِنَ ٱلْمُحْضَرِينَ﴿57

En als er niet de genade van mijn Heer geweest was, dan zou ik zeker tot de voorgeleiden (voor de Hel) behoren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

58

أَفَمَا نَحْنُ بِمَيِّتِينَ﴿58

Zullen wij dan niet sterven?

Vertaling: Sofian S. Siregar

59

إِلَّا مَوْتَتَنَا ٱلْأُولَىٰ وَمَا نَحْنُ بِمُعَذَّبِينَ﴿59

Naut ons eerste sterven? En zullen wij niet worden bestraft?"

Vertaling: Sofian S. Siregar

60

إِنَّ هَـٰذَا لَهُوَ ٱلْفَوْزُ ٱلْعَظِيمُ﴿60

Voorwaar, dat is zeker de geweldige overwinning.

Vertaling: Sofian S. Siregar

61

لِمِثْلِ هَـٰذَا فَلْيَعْمَلِ ٱلْعَـٰمِلُونَ﴿61

Voor zoiets, laten de werkenden daarvoor werken.

Vertaling: Sofian S. Siregar

62

أَذَٰلِكَ خَيْرٌ نُّزُلًا أَمْ شَجَرَةُ ٱلزَّقُّومِ﴿62

Is die ontvangst beter, of de Zaqqôem-boom (in de Hel)?

Vertaling: Sofian S. Siregar

63

إِنَّا جَعَلْنَـٰهَا فِتْنَةً لِّلظَّـٰلِمِينَ﴿63

Voorwaar, Wij hebben hem tot een beproeving voor de onrechtvaardigen gemaakt.

Vertaling: Sofian S. Siregar

64

إِنَّهَا شَجَرَةٌ تَخْرُجُ فِىٓ أَصْلِ ٱلْجَحِيمِ﴿64

Voorwaar, het is een boom die voortkomt uit de bodem van Djahîm (de Hel).

Vertaling: Sofian S. Siregar

65

طَلْعُهَا كَأَنَّهُۥ رُءُوسُ ٱلشَّيَـٰطِينِ﴿65

De kolven ervan zijn als satanskoppen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

66

فَإِنَّهُمْ لَـَٔاكِلُونَ مِنْهَا فَمَالِـُٔونَ مِنْهَا ٱلْبُطُونَ﴿66

Voorwaar, dan zullen zij er van eten zodat zij er de buiken mee vullen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

67

ثُمَّ إِنَّ لَهُمْ عَلَيْهَا لَشَوْبًا مِّنْ حَمِيمٍ﴿67

Daarna is er voor hen een drank, gemengd met kokend water.

Vertaling: Sofian S. Siregar

68

ثُمَّ إِنَّ مَرْجِعَهُمْ لَإِلَى ٱلْجَحِيمِ﴿68

Tenslotte is hun terugkeer zeker naar Djahîm.

Vertaling: Sofian S. Siregar

69

إِنَّهُمْ أَلْفَوْا۟ ءَابَآءَهُمْ ضَآلِّينَ﴿69

Voorwaar, zij troffen hun vaderen in dwaling verkerend aan.

Vertaling: Sofian S. Siregar

70

فَهُمْ عَلَىٰٓ ءَاثَـٰرِهِمْ يُهْرَعُونَ﴿70

Toen volgden zij hen haastig in hun voetsporen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

71

وَلَقَدْ ضَلَّ قَبْلَهُمْ أَكْثَرُ ٱلْأَوَّلِينَ﴿71

En voorzeker dwaalden vóór hen de meesten van de vroegeren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

72

وَلَقَدْ أَرْسَلْنَا فِيهِم مُّنذِرِينَ﴿72

En voorzeker hebben Wij uit hun midden waarschuwers gezonden,

Vertaling: Sofian S. Siregar

73

فَٱنظُرْ كَيْفَ كَانَ عَـٰقِبَةُ ٱلْمُنذَرِينَ﴿73

Zie dan (O Moehammad) hoe het einde was van de gewaamshuwden.

Vertaling: Sofian S. Siregar

74

إِلَّا عِبَادَ ٱللَّهِ ٱلْمُخْلَصِينَ﴿74

Behalve (het einde van) de dienaren van Allah die, zuiver in hun aanbidding zijn.

Vertaling: Sofian S. Siregar

75

وَلَقَدْ نَادَىٰنَا نُوحٌ فَلَنِعْمَ ٱلْمُجِيبُونَ﴿75

En voorzeker, Nôeh riep Ons aan, en Wij zijn zeker de beste verhorenden.

Vertaling: Sofian S. Siregar

76

وَنَجَّيْنَـٰهُ وَأَهْلَهُۥ مِنَ ٱلْكَرْبِ ٱلْعَظِيمِ﴿76

En Wij redden hem en zijn volgelingen van de geweldige ramp.

Vertaling: Sofian S. Siregar

77

وَجَعَلْنَا ذُرِّيَّتَهُۥ هُمُ ٱلْبَاقِينَ﴿77

En Wij maakte zijn nakomelingen tot voortlevenden.

Vertaling: Sofian S. Siregar

78

وَتَرَكْنَا عَلَيْهِ فِى ٱلْـَٔاخِرِينَ﴿78

En Wij maakten voor hem (zijn goede naam) blijvend onder de lateren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

79

سَلَـٰمٌ عَلَىٰ نُوحٍ فِى ٱلْعَـٰلَمِينَ﴿79

Vrede zij met Nôeh in de werelden.

Vertaling: Sofian S. Siregar

80

إِنَّا كَذَٰلِكَ نَجْزِى ٱلْمُحْسِنِينَ﴿80

Voorwaar, zo belonen Wij de weldoeners.

Vertaling: Sofian S. Siregar

81

إِنَّهُۥ مِنْ عِبَادِنَا ٱلْمُؤْمِنِينَ﴿81

Voorwaar, hij behoort tot Onze gelovip dienaren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

82

ثُمَّ أَغْرَقْنَا ٱلْـَٔاخَرِينَ﴿82

Wij verdonken toen de anderen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

83

۞ وَإِنَّ مِن شِيعَتِهِۦ لَإِبْرَٰهِيمَ﴿83

En voorwaar, tot zijn groep behoorde zeker Ibrâhîm.

Vertaling: Sofian S. Siregar

84

إِذْ جَآءَ رَبَّهُۥ بِقَلْبٍ سَلِيمٍ﴿84

(Gedenk) toen hij tot zijn Heer kwam met een zuiver hart.

Vertaling: Sofian S. Siregar

85

إِذْ قَالَ لِأَبِيهِ وَقَوْمِهِۦ مَاذَا تَعْبُدُونَ﴿85

Toen hij tot zijn vader en zijn volk zei: "Wat aanbidden jullie?

Vertaling: Sofian S. Siregar

86

أَئِفْكًا ءَالِهَةً دُونَ ٱللَّهِ تُرِيدُونَ﴿86

Wensen jullie als een verzinsel goden naast Allah?

Vertaling: Sofian S. Siregar

87

فَمَا ظَنُّكُم بِرَبِّ ٱلْعَـٰلَمِينَ﴿87

Wat stellen jullie je voor over de Heer der Werelden?"

Vertaling: Sofian S. Siregar

88

فَنَظَرَ نَظْرَةً فِى ٱلنُّجُومِ﴿88

Hij keek toen een ogenblik naar de sterren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

89

فَقَالَ إِنِّى سَقِيمٌ﴿89

Hij zei toen: "Voorwaar, ik ben ziek."

Vertaling: Sofian S. Siregar

90

فَتَوَلَّوْا۟ عَنْهُ مُدْبِرِينَ﴿90

Toen wendden zij zich af, hem de rug toekerend.

Vertaling: Sofian S. Siregar

91

فَرَاغَ إِلَىٰٓ ءَالِهَتِهِمْ فَقَالَ أَلَا تَأْكُلُونَ﴿91

Toen ging hij heimelijk naar hun goden en zei: "Eten jullie (dit voedsel) niet?

Vertaling: Sofian S. Siregar

92

مَا لَكُمْ لَا تَنطِقُونَ﴿92

Wat is er met jullie dat jullie niet spreken?"

Vertaling: Sofian S. Siregar

93

فَرَاغَ عَلَيْهِمْ ضَرْبًۢا بِٱلْيَمِينِ﴿93

Toen liep hij op hen toe en sloeg (hen) met de rechterhand.

Vertaling: Sofian S. Siregar

94

فَأَقْبَلُوٓا۟ إِلَيْهِ يَزِفُّونَ﴿94

Daarop liepen zij (de veelgodenaanbidders) snel naar hem toe.

Vertaling: Sofian S. Siregar

95

قَالَ أَتَعْبُدُونَ مَا تَنْحِتُونَ﴿95

Hij zei: "Aanbidden jullie wat jullie hebben uitgehouwen?

Vertaling: Sofian S. Siregar

96

وَٱللَّهُ خَلَقَكُمْ وَمَا تَعْمَلُونَ﴿96

Terwijl Allah jullie heeft geschapen en wat jullie maken."

Vertaling: Sofian S. Siregar

97

قَالُوا۟ ٱبْنُوا۟ لَهُۥ بُنْيَـٰنًا فَأَلْقُوهُ فِى ٱلْجَحِيمِ﴿97

Zij zeiden: "Bouwt voor hem een bouwwerk (brandstapel) en werpt hem in liet laaiende vuur."

Vertaling: Sofian S. Siregar

98

فَأَرَادُوا۟ بِهِۦ كَيْدًا فَجَعَلْنَـٰهُمُ ٱلْأَسْفَلِينَ﴿98

Toen zij een list tegen hem wensten te beramen maakten Wij hen tot de allerlaagsten.

Vertaling: Sofian S. Siregar

99

وَقَالَ إِنِّى ذَاهِبٌ إِلَىٰ رَبِّى سَيَهْدِينِ﴿99

En hij zei (toen hun pogingen mislukt waren): "Ik wend mij tot mijn Heer, Hij zal mij leiden.

Vertaling: Sofian S. Siregar

100

رَبِّ هَبْ لِى مِنَ ٱلصَّـٰلِحِينَ﴿100

Mijn Heer, schenk mij (een zoon) van de rechtschapenen."

Vertaling: Sofian S. Siregar

101

فَبَشَّرْنَـٰهُ بِغُلَـٰمٍ حَلِيمٍ﴿101

Toen verkondigden Wij hem de verheugende tijding van een zachtmoedige jongen (Ismâ'îl).

Vertaling: Sofian S. Siregar

102

فَلَمَّا بَلَغَ مَعَهُ ٱلسَّعْىَ قَالَ يَـٰبُنَىَّ إِنِّىٓ أَرَىٰ فِى ٱلْمَنَامِ أَنِّىٓ أَذْبَحُكَ فَٱنظُرْ مَاذَا تَرَىٰ ۚ قَالَ يَـٰٓأَبَتِ ٱفْعَلْ مَا تُؤْمَرُ ۖ سَتَجِدُنِىٓ إِن شَآءَ ٱللَّهُ مِنَ ٱلصَّـٰبِرِينَ﴿102

Toen hij de leeftijd had bereikt waarop hij hem (Ibrâhîm) kon helpen, zei hij: "O mijn zoon, voorwaar, ik heb in een droom gezien dat ik jou zal offeren, zeg mij hoe jij daarover denkt," Hij zei: "O mijn vader, doe wat u is bevolen, U zult vinden dat ik, als Allah het wil, tot de geduldigen behoor."

Vertaling: Sofian S. Siregar

103

فَلَمَّآ أَسْلَمَا وَتَلَّهُۥ لِلْجَبِينِ﴿103

Toen zij zich (aan Allah) hadden overgegeven en hij hem op zijn slaap had gelegd (om te offeren).

Vertaling: Sofian S. Siregar

104

وَنَـٰدَيْنَـٰهُ أَن يَـٰٓإِبْرَٰهِيمُ﴿104

Toen riepen Wij tot hem: "O Ibrâhîm!

Vertaling: Sofian S. Siregar

105

قَدْ صَدَّقْتَ ٱلرُّءْيَآ ۚ إِنَّا كَذَٰلِكَ نَجْزِى ٱلْمُحْسِنِينَ﴿105

Waarlijk, jij hebt de droom in waarheid vervuld. Voorwaar, zo belonen Wij de weldoeners."

Vertaling: Sofian S. Siregar

106

إِنَّ هَـٰذَا لَهُوَ ٱلْبَلَـٰٓؤُا۟ ٱلْمُبِينُ﴿106

Voorwaar, dat is zeker de duidelijke beproeving.

Vertaling: Sofian S. Siregar

107

وَفَدَيْنَـٰهُ بِذِبْحٍ عَظِيمٍ﴿107

En Wij gaven hem ter vervanging een groot offerdier.

Vertaling: Sofian S. Siregar

108

وَتَرَكْنَا عَلَيْهِ فِى ٱلْـَٔاخِرِينَ﴿108

En Wij maakten voor hem (zijn goede naam) blijvend onder de lateren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

109

سَلَـٰمٌ عَلَىٰٓ إِبْرَٰهِيمَ﴿109

Vrede zij met Ibrâhîm.

Vertaling: Sofian S. Siregar

110

كَذَٰلِكَ نَجْزِى ٱلْمُحْسِنِينَ﴿110

Zo belonen Wij de weldoeners.

Vertaling: Sofian S. Siregar

111

إِنَّهُۥ مِنْ عِبَادِنَا ٱلْمُؤْمِنِينَ﴿111

Voorwaar, hij behoort tot Onze gelovige dienaren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

112

وَبَشَّرْنَـٰهُ بِإِسْحَـٰقَ نَبِيًّا مِّنَ ٱلصَّـٰلِحِينَ﴿112

En Wij verkondigden hem de verheugende tijding over (de geboorte van) Ishâq, als een Profeet van de rechtschapenen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

113

وَبَـٰرَكْنَا عَلَيْهِ وَعَلَىٰٓ إِسْحَـٰقَ ۚ وَمِن ذُرِّيَّتِهِمَا مُحْسِنٌ وَظَالِمٌ لِّنَفْسِهِۦ مُبِينٌ﴿113

En Wij zegenden hem en Ishâq. En onder kun nakomelingen zijn er die weldoener zijn en (ook) die duidelijk onrechtvaardig voor zichzelf zijn.

Vertaling: Sofian S. Siregar

114

وَلَقَدْ مَنَنَّا عَلَىٰ مُوسَىٰ وَهَـٰرُونَ﴿114

En voorzeker, Wij hebben Môesa en Hârôen begenadigd.

Vertaling: Sofian S. Siregar

115

وَنَجَّيْنَـٰهُمَا وَقَوْمَهُمَا مِنَ ٱلْكَرْبِ ٱلْعَظِيمِ﴿115

En Wij hebben hen beiden en hun volk gered van de geweldige ramp.

Vertaling: Sofian S. Siregar

116

وَنَصَرْنَـٰهُمْ فَكَانُوا۟ هُمُ ٱلْغَـٰلِبِينَ﴿116

En Wij hielpen hen, waarop zij de overwinnaars werden.

Vertaling: Sofian S. Siregar

117

وَءَاتَيْنَـٰهُمَا ٱلْكِتَـٰبَ ٱلْمُسْتَبِينَ﴿117

En Wij gaven hun de verduidelijkende Schrift (de Taurât).

Vertaling: Sofian S. Siregar

118

وَهَدَيْنَـٰهُمَا ٱلصِّرَٰطَ ٱلْمُسْتَقِيمَ﴿118

En Wij hebben Hen op het rechte Pad geleid.

Vertaling: Sofian S. Siregar

119

وَتَرَكْنَا عَلَيْهِمَا فِى ٱلْـَٔاخِرِينَ﴿119

En Wij maakten voor hen (hun goede naam) blijvend onder de lateren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

120

سَلَـٰمٌ عَلَىٰ مُوسَىٰ وَهَـٰرُونَ﴿120

Vrede zij met Môcsa en Harôen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

121

إِنَّا كَذَٰلِكَ نَجْزِى ٱلْمُحْسِنِينَ﴿121

Voorwaar, zo belonen Wij de weldoeners.

Vertaling: Sofian S. Siregar

122

إِنَّهُمَا مِنْ عِبَادِنَا ٱلْمُؤْمِنِينَ﴿122

Voorwaar, zij behoren tot Onze gelovige dienaren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

123

وَإِنَّ إِلْيَاسَ لَمِنَ ٱلْمُرْسَلِينَ﴿123

En voorwaar. Ilyâs behoort zeker tot de Gezondenen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

124

إِذْ قَالَ لِقَوْمِهِۦٓ أَلَا تَتَّقُونَ﴿124

(Gedenkt) toen hij tot zijn volk zei: "Vrezen jullie (Allah) niet?

Vertaling: Sofian S. Siregar

125

أَتَدْعُونَ بَعْلًا وَتَذَرُونَ أَحْسَنَ ٱلْخَـٰلِقِينَ﴿125

Aanbidden jullie Ba'l (een afgod) en verlaten jullie de Beste der Scheppers?

Vertaling: Sofian S. Siregar

126

ٱللَّهَ رَبَّكُمْ وَرَبَّ ءَابَآئِكُمُ ٱلْأَوَّلِينَ﴿126

Allah is jullie Heer en de Heer van jullie voorvaderen."

Vertaling: Sofian S. Siregar

127

فَكَذَّبُوهُ فَإِنَّهُمْ لَمُحْضَرُونَ﴿127

Toen loochenden zij hem, daarom worden zij zeker voorgeleiden (voor de bestraffing).

Vertaling: Sofian S. Siregar

128

إِلَّا عِبَادَ ٱللَّهِ ٱلْمُخْلَصِينَ﴿128

Behalve de dienaren van Allah die zuiver in hun aanbidding zijn.

Vertaling: Sofian S. Siregar

129

وَتَرَكْنَا عَلَيْهِ فِى ٱلْـَٔاخِرِينَ﴿129

En Wij maakten voor hem (zijn goede naam) blijvend onder de lateren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

130

سَلَـٰمٌ عَلَىٰٓ إِلْ يَاسِينَ﴿130

Vrede zij met Ilyâs.

Vertaling: Sofian S. Siregar

131

إِنَّا كَذَٰلِكَ نَجْزِى ٱلْمُحْسِنِينَ﴿131

Voorwaar, zo belonen wij de weldoeners.

Vertaling: Sofian S. Siregar

132

إِنَّهُۥ مِنْ عِبَادِنَا ٱلْمُؤْمِنِينَ﴿132

Voorwaar, hij behoort tot Onze gelovige dienaren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

133

وَإِنَّ لُوطًا لَّمِنَ ٱلْمُرْسَلِينَ﴿133

En voorwaar, Lôeth behoort zeker tot de gezondenen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

134

إِذْ نَجَّيْنَـٰهُ وَأَهْلَهُۥٓ أَجْمَعِينَ﴿134

(Gedenk) toen Wij hem en zijn volgelingen allen hebben gered.

Vertaling: Sofian S. Siregar

135

إِلَّا عَجُوزًا فِى ٱلْغَـٰبِرِينَ﴿135

Behalve een vrouw (zijn echtgenote) die tot de achterblijvers behoorde.

Vertaling: Sofian S. Siregar

136

ثُمَّ دَمَّرْنَا ٱلْـَٔاخَرِينَ﴿136

Vervolgens vernietigden Wij de overigen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

137

وَإِنَّكُمْ لَتَمُرُّونَ عَلَيْهِم مُّصْبِحِينَ﴿137

En voorwaar, jullie gaan in de ochtend aan hen (de ruïnes van hun steden) voorbij.

Vertaling: Sofian S. Siregar

138

وَبِٱلَّيْلِ ۗ أَفَلَا تَعْقِلُونَ﴿138

En ook in de nacht, denken jullie dan niet na?

Vertaling: Sofian S. Siregar

139

وَإِنَّ يُونُسَ لَمِنَ ٱلْمُرْسَلِينَ﴿139

En voorwaar, Yôenoes behoort zeker tot de gezondenen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

140

إِذْ أَبَقَ إِلَى ٱلْفُلْكِ ٱلْمَشْحُونِ﴿140

(Gedenkt) toen hij wegliep naar het volgeladen schip.

Vertaling: Sofian S. Siregar

141

فَسَاهَمَ فَكَانَ مِنَ ٱلْمُدْحَضِينَ﴿141

Toen lootte hij (om een plaats erop) en bij behoorde daarop tot de verliezers.

Vertaling: Sofian S. Siregar

142

فَٱلْتَقَمَهُ ٱلْحُوتُ وَهُوَ مُلِيمٌ﴿142

Toen slokte de vis hem op en hij verweet zichzelf.

Vertaling: Sofian S. Siregar

143

فَلَوْلَآ أَنَّهُۥ كَانَ مِنَ ٱلْمُسَبِّحِينَ﴿143

En als hij niet tot degenen die de Glorie van Allah prezen behoord had.

Vertaling: Sofian S. Siregar

144

لَلَبِثَ فِى بَطْنِهِۦٓ إِلَىٰ يَوْمِ يُبْعَثُونَ﴿144

Zou hij zeker in zijn buik zijn gebleven, tot de Dag waarop zij worden opgewekt.

Vertaling: Sofian S. Siregar

145

۞ فَنَبَذْنَـٰهُ بِٱلْعَرَآءِ وَهُوَ سَقِيمٌ﴿145

Toen wierpen Wij hem eruit, op een kale vlakte, en hij was ziek.

Vertaling: Sofian S. Siregar

146

وَأَنۢبَتْنَا عَلَيْهِ شَجَرَةً مِّن يَقْطِينٍ﴿146

En Wij deden over hem een boom groeien met veel bladeren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

147

وَأَرْسَلْنَـٰهُ إِلَىٰ مِا۟ئَةِ أَلْفٍ أَوْ يَزِيدُونَ﴿147

En Wij zonden hem naar een honderdduizendtal (volgelingen) of meer.

Vertaling: Sofian S. Siregar

148

فَـَٔامَنُوا۟ فَمَتَّعْنَـٰهُمْ إِلَىٰ حِينٍ﴿148

Daarop geloofden zij en Wij schonken hun genietingen, voor een bepaalde tijd.

Vertaling: Sofian S. Siregar

149

فَٱسْتَفْتِهِمْ أَلِرَبِّكَ ٱلْبَنَاتُ وَلَهُمُ ٱلْبَنُونَ﴿149

Vraag hen (de ongelovigen), of voor jouw Heer de dochters zijn en voor hen de zonen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

150

أَمْ خَلَقْنَا ٱلْمَلَـٰٓئِكَةَ إِنَـٰثًا وَهُمْ شَـٰهِدُونَ﴿150

Hebben Wij de Engelen als vrouwen geschapen en waren zij getuigen?

Vertaling: Sofian S. Siregar

151

أَلَآ إِنَّهُم مِّنْ إِفْكِهِمْ لَيَقُولُونَ﴿151

Weet dat zij wegens hun verzonnen leugens zeker zullen zeggen:

Vertaling: Sofian S. Siregar

152

وَلَدَ ٱللَّهُ وَإِنَّهُمْ لَكَـٰذِبُونَ﴿152

"Allah heeft kinderen verwekt." Voorwaar, zij zijn zeker leugenaars.

Vertaling: Sofian S. Siregar

153

أَصْطَفَى ٱلْبَنَاتِ عَلَى ٱلْبَنِينَ﴿153

Heeft Hij dochters verkozen boven zonen?

Vertaling: Sofian S. Siregar

154

مَا لَكُمْ كَيْفَ تَحْكُمُونَ﴿154

Wat is er met jullie? Hoe beoordelen jullie?

Vertaling: Sofian S. Siregar

155

أَفَلَا تَذَكَّرُونَ﴿155

Laten jullie je dan in iet vermanen?

Vertaling: Sofian S. Siregar

156

أَمْ لَكُمْ سُلْطَـٰنٌ مُّبِينٌ﴿156

Of beschikken jullie over een duidelijk bewijs?

Vertaling: Sofian S. Siregar

157

فَأْتُوا۟ بِكِتَـٰبِكُمْ إِن كُنتُمْ صَـٰدِقِينَ﴿157

Brengt dan jullie boek, als jullie waarachtigen zijn!

Vertaling: Sofian S. Siregar

158

وَجَعَلُوا۟ بَيْنَهُۥ وَبَيْنَ ٱلْجِنَّةِ نَسَبًا ۚ وَلَقَدْ عَلِمَتِ ٱلْجِنَّةُ إِنَّهُمْ لَمُحْضَرُونَ﴿158

En zij verzinnen verwantschap tussen Hem en de Djinn's. En voorzeker, de Djinn's weten dat zij de voorgeleiden zullen zijn.

Vertaling: Sofian S. Siregar

159

سُبْحَـٰنَ ٱللَّهِ عَمَّا يَصِفُونَ﴿159

Heilig is Allah boven wat zij toeschrijven.

Vertaling: Sofian S. Siregar

160

إِلَّا عِبَادَ ٱللَّهِ ٱلْمُخْلَصِينَ﴿160

Behalve de dienaren van Allah die Hem zuiver aanbidden.

Vertaling: Sofian S. Siregar

161

فَإِنَّكُمْ وَمَا تَعْبُدُونَ﴿161

Voorwaar jullie en wat jullie aanbidden.

Vertaling: Sofian S. Siregar

162

مَآ أَنتُمْ عَلَيْهِ بِفَـٰتِنِينَ﴿162

Jullie kunnen niemand tegen (het plan van) Hem te doen dwalen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

163

إِلَّا مَنْ هُوَ صَالِ ٱلْجَحِيمِ﴿163

Behalve degene die Djahîm (de Hel) binnengaat.

Vertaling: Sofian S. Siregar

164

وَمَا مِنَّآ إِلَّا لَهُۥ مَقَامٌ مَّعْلُومٌ﴿164

(De Engelen zeggen:) "En er is niemand van ons, of er is voor hem een bekende plaats.

Vertaling: Sofian S. Siregar

165

وَإِنَّا لَنَحْنُ ٱلصَّآفُّونَ﴿165

En voorwaar, wij zijn degenen die in rijen staan.

Vertaling: Sofian S. Siregar

166

وَإِنَّا لَنَحْنُ ٱلْمُسَبِّحُونَ﴿166

En voorwaar, wij zijn zeker degenen die de Glorie van Allah prijzen."

Vertaling: Sofian S. Siregar

167

وَإِن كَانُوا۟ لَيَقُولُونَ﴿167

En zij (de ongelovigen) zullen zeker zeggen:

Vertaling: Sofian S. Siregar

168

لَوْ أَنَّ عِندَنَا ذِكْرًا مِّنَ ٱلْأَوَّلِينَ﴿168

"Als wij over een Vermaning van de vruegeren hadden beschikt,

Vertaling: Sofian S. Siregar

169

لَكُنَّا عِبَادَ ٱللَّهِ ٱلْمُخْلَصِينَ﴿169

Dan zouden wij zeker tot de dienaren van Allah die Hem zuiver aanbidden hebben behoord."

Vertaling: Sofian S. Siregar

170

فَكَفَرُوا۟ بِهِۦ ۖ فَسَوْفَ يَعْلَمُونَ﴿170

Maar zij verwierpen hem (de Koran), daarom zullen zij het weten.

Vertaling: Sofian S. Siregar

171

وَلَقَدْ سَبَقَتْ كَلِمَتُنَا لِعِبَادِنَا ٱلْمُرْسَلِينَ﴿171

En voorzeker, Ons Woord is voorafgegaan aan Onze gezonden dienaren.

Vertaling: Sofian S. Siregar

172

إِنَّهُمْ لَهُمُ ٱلْمَنصُورُونَ﴿172

Voorwaar, zij zijn het die zeker geholpen zullen worden.

Vertaling: Sofian S. Siregar

173

وَإِنَّ جُندَنَا لَهُمُ ٱلْغَـٰلِبُونَ﴿173

Voorwaar, zij zijn Onze legers die zeker de overwinnaars zullen zijn.

Vertaling: Sofian S. Siregar

174

فَتَوَلَّ عَنْهُمْ حَتَّىٰ حِينٍ﴿174

Wend je (O Moehammad) dan voor een bepaalde tijd van hen (de gelovigen) af.

Vertaling: Sofian S. Siregar

175

وَأَبْصِرْهُمْ فَسَوْفَ يُبْصِرُونَ﴿175

En kijk naar hen, zij zullen spoedig (de gevolgen) zien.

Vertaling: Sofian S. Siregar

176

أَفَبِعَذَابِنَا يَسْتَعْجِلُونَ﴿176

Vragen zij dan Onze bestraffing te bespoedigen?

Vertaling: Sofian S. Siregar

177

فَإِذَا نَزَلَ بِسَاحَتِهِمْ فَسَآءَ صَبَاحُ ٱلْمُنذَرِينَ﴿177

Als dan (de bestraffing) neerdaalt op hun erven, dat is dan de slechtste ochtend voor de gewaarschuwden.

Vertaling: Sofian S. Siregar

178

وَتَوَلَّ عَنْهُمْ حَتَّىٰ حِينٍ﴿178

En wend je van hen af voor een bepaalde tijd.

Vertaling: Sofian S. Siregar

179

وَأَبْصِرْ فَسَوْفَ يُبْصِرُونَ﴿179

En kijk, spoedig zullen zij (de bestraffing) zien.

Vertaling: Sofian S. Siregar

180

سُبْحَـٰنَ رَبِّكَ رَبِّ ٱلْعِزَّةِ عَمَّا يَصِفُونَ﴿180

Heilig is jouw Heer, de Heer van de Almacht, boven wat zij toeschrijven.

Vertaling: Sofian S. Siregar

181

وَسَلَـٰمٌ عَلَى ٱلْمُرْسَلِينَ﴿181

En vrede zij met de gezondenen.

Vertaling: Sofian S. Siregar

182

وَٱلْحَمْدُ لِلَّهِ رَبِّ ٱلْعَـٰلَمِينَ﴿182

En alle lof zij Allah, de Heer der Werelden.

Vertaling: Sofian S. Siregar

صَدَقَ اللَّهُ الْعَظِيمُ

Einde van Soera As-Saffat

Ga naar Volgende Soera